Vakantietips

 

Het actuele weer van Duitsland

   Vakantiehuizen

 

 

                                  Zoeken naar uw onderwerp

 

Bliksemwaarnemingen in Duitsland

 

 

Inleiding
Duitsland loopt van noord naar zuid langzaam in terrein omhoog. Tussen het vlakke Schleswig-Holstein en het bergachtige Bayern zit uiteindelijk bijna 3000 meter hoogteverschil. Het klimaat van Duitsland varieert van een zeeklimaat in het noorden tot een hooggebergteklimaat in het uiterste zuiden. Dankzij de Föhn is het vooral in het zuiden warmer dan je zou verwachten op deze breedtegraad.

Geografie
Het landschap van Duitsland ligt voor meer dan de helft van het land ligt boven de 200 meter en bestaat uit heuvels.

Noord Duitsland
Het laagland in het noorden van Duitsland is een licht glooiend landschap en maakt onderdeel uit van het laagland dat zich uitstrekt van de Baltische staten tot Nederland. Het laagland in Duitsland is gevormd tijdens een van de laatste ijstijden. Het oostelijke gedeelte van Duitsland is gevormd tijdens de laatste ijstijd. Soms is het gebied vlak, maar op andere plaatsen heuvelachtig met bossen.

Midden Duitsland
Ten zuiden van Hannover begint het Duitse middelgebergte. Het middelgebergte is een gebied met heuvels, bergen en veel bos. Deze heuvels variëren in tophoogte tussen 500 en 1500 meter. Bekende gebieden zijn Harz, Eifel, Ertsgebergte en Pfälzerwald. Rivieren uit de Alpen hebben diepe dalen uitgesneden. Vooral de Rijn is dwars door enkele bergketens heengegaan.

Zuid Duitsland
Ten zuiden van Stuttgart gaat het middelgebergte van Midden Duitsland over in het Alpenvoorland. Het landschap loopt hier snel omhoog met in het zuidwesten het Schwarzwald en in het oosten het Bohemerwoud. Hier in het zuiden bevinden zich ook gebieden als Schwabische Alb en Fränkiche Alb. Ten zuiden van München op de grens met Oostenrijk liggen de echte Alpen die hooggebergte vormen. Bekend zijn de Zugspitze met 2963 meter het hoogste punt van Duitsland en de Mädelegabel met 2645 meter.

Het weer
Het weer in Duitsland wordt bepaald door de gematigde westenwinden van de Atlantische Oceaan en Noordzee. Extreme weersituaties of grote temperatuurschommelingen komen niet voor. Het gematigde klimaat van Duitsland is daarom gedefinieerd als een zeeklimaat. In het oosten neigt het klimaat een landklimaat te worden, maar overheersen de zeeklimaateigenschappen. In het uiterste zuiden aan de grens met Oostenrijk heerst een hooggebergteklimaat.

Temperatuur
De temperatuur mag dan in Duitsland gemiddeld hetzelfde zijn als in Nederland, op de heuveltoppen is het een stuk koeler dan in de lagere gebieden. Gemiddeld over het jaar is Keulen de warmste plaats van Duitsland. Deze stad heeft een gemiddelde temperatuur van 10,4 graden. Ook de omgeving van Stuttgart en Dusseldorf zijn warmere gebieden. Koud is het op Feldberg, Nurberg, Harz en vooral op Zugspitze. Op de Zugspitze is het jaargemiddelde -4,8 graden en vriest het alleen in augustus ook.

Zomer

Gemiddeld is het in Duitsland overdag in juli zo'n 22 graden. Warmer is het in Karlsruhe met 25,5 graden. Het oosten en de dalen in het zuiden zijn ook redelijk warm met temperaturen net iets boven de 23 graden. 's Nachts koelt het af tot zo'n 12 tot 14 graden.

In Duitsland is het een aantal keer warmer geweest dan 40 graden. De hoogste temperatuur bedraagt 40,2 graden. Dit gebeurde op 27 juli 1983 in Gärmersdorf (Oberpfalz), 9 augustus 2003 in Karlsruhe en op 13 augustus 2003 in Freiburg en opnieuw Karlsruhe. De hoogste temperatuur ooit op de Zugspitze is 17,9 graden.

Winter
De winters in het oosten en zuiden zijn strenger dan in het westen. In het westen vriest het in januari zo'n -0,5 graden. In het oosten -3,5 graden en in het zuiden -6 graden. De allerlaagste wintertemperaturen zijn te vinden op de bergtoppen als de Zugspitze. Hier vriest het in februari 's nachts elke nacht -14 graden. Koud is het ook op de bergtop van Brocken in de Harz. Hier vriest het in februari elke nacht -7 graden.

Regen in Duitsland
De neerslag in Duitsland varieert met de hoogte. De bergtoppen in de Alpen zijn het natst. De Zugspitze ontvangt jaarlijks 2004 millimeter regen. Het grensgebied met Oostenrijk is een nat gebied. De lucht uit West Europa wordt hier gedwongen te stijgen, waardoor regenval wordt gestimuleerd.

Ook de Feldberg in Schwarzwald is met 1859 millimeter een natte plek. In het noorden zijn het Sauerland en de Harz natte gebieden met rond de 1400 millimeter regen. Het oosten van Duitsland is een stuk droger. In Berlijn valt jaarlijks 591 millimeter en in Magdeburg 513 millimeter. Elders in het land valt tussen de 600 en 800 millimeter regen.

Sneeuw
Duitsland is een land waar regelmatig sneeuw ligt. In grote delen van het land ligt op meer dan dertig dagen per jaar een sneeuwdek. Vooral de hogere gedeeltes van de heuvels en bergen zijn sneeuwrijk. Het Schwarzwald, Bohemerwoud en Thüringer Wald en Sauerland hebben op meer dan 90 dagen per jaar sneeuwbedekking. In het Rijndal en het noordwesten van het land valt het mee met een sneeuwbedekking. Hier ligt op 10 tot 30 dagen per jaar een sneeuwdek. Ondanks dat de top van de Zugspitze boven de eeuwige sneeuwgrens ligt, blijft de sneeuw hier niet permanent liggen.

Onweer

De onweersactiviteit is grillig verspreid over het land. De noordelijke kuststreek krijgt weliswaar in het najaar te maken met onweersbuien boven zee, het meeste onweer treedt echter in de zomermaanden in het binnenland op. De volledige zuidgrens tegen de Alpen en Bayern is een onweersrijk gebied. Op meer dan dagen dertig dagen in het jaar onweert het.

Dit onweersrijke gebied in het zuiden hangt samen met een groot gebied dat doorloopt over de Jura in Zwitserland naar oostelijk Frankrijk. De buien worden getriggerd door de stijging van het landschap. Een ander actief onweersgebied ligt in de buurt van Kassel en Hannover. Ook hier onweert het op meer dan dertig dagen in het jaar en speelt het landschap een rol. Relatief weinig onweer komt voor langs de noordelijke kust en in het centrum van het land tussen Fulda en Leipzig. Toch onweert het in deze streken nog op 15 dagen per jaar.

De zwaarste onweersbuien bereiken Duitsland vanuit Frankrijk of België/Luxemburg. Deze onweerstoringen kunnen zomers veel overlast veroorzaken. Hetzelfde geldt voor een actief koufront dat via Nederland Duitsland intrekt en de hitte verdrijft. Op dergelijke koufronten kan vooral in Noord en Oost-Duitsland zwaar onweer ontstaan. Soms gaat dit onweer met tornado's gepaard.

Zonneschijn
De zon schijnt in Duitsland jaarlijks gemiddeld rond de 1500 uur. Alleen de kuststreek bij Greifswald aan de Oostzee is zonniger. Hier schijnt de zon ruim 1800 uur. De Zugspitze ligt regelmatig boven de wolken en is met 1846 uur zon de zonnigste plaats van het land. Het minst schijnt de zon met 1364 uur in Dusseldorf.

Wind

Stormen kan het ook flink in Duitsland. Wanneer een depressie overtrekt en stormwinden produceert worden op de toppen van de heuvels en het middelgebergte orkaanachtige windstoten waargenomen. Storm op lagere delen komt voornamelijk voor in het noorden. Windkracht 12 is in Schleswig-Holstein goed mogelijk.

Aan de noordkust en op de Waddeneilanden kan tijdens de zomermaanden en in het voorjaar een zeewind opsteken. Deze zeewind blijft beperkt tot enkele kilometers landinwaarts en zorgt lokaal voor een afkoeling.